Column

Dat is het lettertype en de lettergrootte waar ik graag mee werk in Word. Het komt goed uit op de witte pagina en is ook fijn om te lezen. Toen ik onlangs mijn nieuwe boek opensloeg van Santa Montefiore met als titel ‘De verre horizon’, zag ik het ‘handgeschreven’ voorwoord van de schrijfster op de eerste pagina. Ik dacht dat het de inleiding was voor het vijfde en laatste deel van de Deverill verhaallijn, maar dat kon ik dus niet goed ontcijferen en vervolgens ook niet uitstaan. En dat had niets met het feit te maken dat dit in het Engels geschreven was, want al is mijn Engels niet perfect, inmiddels lukt het me toch aardig om zo’n tekst helder te krijgen.

 

Nee, het was het lettertype waar ik over struikelde, dat ziet er handgeschreven uit, maar kan ook een lettertype zijn dat door Word is ingegeven. Die heb je namelijk voor het uitzoeken op je computer. Ik kwam er al turende achter dat het een persoonlijk woordje van uitleg was, nameijk: “To my very special Dutch and Flemish friends.”  Ze sluit af met haar signering en driemaal xxx. Wel heel leuk natuurlijk, ik waardeer het zeker, maar ook in het Nederlands kost me een dergelijk lettertype (of handschrift) hoofdbrekens.

Maar wellicht is het toch haar eigen -weliswaar gedrukte- handschrift, want ik kan het in de vele lettertypes die van A t/m Z bestaan niet terugvinden. Er zijn er die er op lijken maar ook niet echt leesbaar zijn. Andere weer wel of beter, maar die lijken dan weer niet op haar handschrift. Kunnen we het nog volgen?

 

Inmiddels heb ik de bewuste pagina letterlijk en figuurlijk links laten liggen en ben ik al een eindje op weg in het verhaal. Wetende dat dit het laatste deel is van de mooie Deverill serie en waarvan ik toch nog ergens uit haar tekst op kon maken dat het in beginsel een trilogie zou worden, maar er toch twee boeken bij gekomen zijn omdat het verhaal hierom vroeg. En eigenlijk wist ik dit al. Het is sowieso weer smullen en in dit laatste deel kom ik ook de namen van personen tegen uit de voorgaande delen. Net alsof je oude bekenden tegenkomt. Fijn, het brengt mij even in de vergetelheid van de eigen familie en vrienden die ik zo mis in deze barre tijden waar geen eind aan lijkt te komen. Ook vertoef ik dan even in een ander land, want het kasteel Deverill staat (zou die ook echt bestaan?) in het prachtige beschreven Ierland. Dan krijg ik echt zin om daar eens een vakantie te gaan boeken.

 

Gelukkig is dit niet het allerlaatste boek van Santa Montefiore, we krijgen vast nog meer fijne verhalen van haar te lezen in de toekomst. Zo heb ik juist nog haar laatste zin ontcijferd: 'I look forward to the end of the Pandemie so I can travel again and meet you in passion.'

En dat is een zin die mij erg aan het hart gaat, zou de mijne in het Nederlands kunnen zijn. Ik sluit mij er dan ook graag en van harte bij aan! xxx

 

 

 

 

 
What do you want to do ?
New mail

 

What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail

Zo’n behoefte om creatief te zijn!! Het lukt me echter niet meer zo vaak om mijzelf die creatieve schop onder de kont te geven. Het schijnt dat er meer mensen zijn die daar last van hebben in dit rare, nare en lange Corona tijdperk. Ik kan het woord eigenlijk niet meer horen of zien, we worden er iedere dag mee geconfronteerd. Maar ja, acceptatie is ook een manier om er mee om te gaan natuurlijk. Het is nu eenmaal zo.

 

Ik ga er vanuit dat de creativiteit wel weer komt, zoals ook mijn behoefte aan sociaal contact. Het is ook mede hierdoor dat ik weer eens achter mijn toetsenbord zit om uit mijn hoofd te kruipen. Dit doet me gelijk aan een Libelle of Waterjuffer denken, die zo’n prachtige cocon achterlaat. Het beestje is er dan uitgeslopen zoals dat heet, maar heeft wel zijn jasje laten hangen.

 

Van nature heb ik een rustige aard en ik kon en kan mij in de regel goed bezig houden. Mijn moeder zei regelmatig tegen mensen die het horen wilden dat ik me al kon vermaken met een touwtje. En dat was ook zo, ik pakte regelmatig een knoop uit haar naaimandje, knipte een lange draad die ik door beide gaatjes van de knoop haalde, vouwde de draad dubbel en sloot deze zodat ik het geheel snel met beide handen rond kon draaien totdat de knoop begon te swingen. Schijnbaar zocht ik naar afleiding omdat ik vaak alleen was, want ik heb geen broers of zussen en we woonden ook nog eens klein. De overloop van onze bovenste duplexwoning waar verder niets stond, gebruikte ik om te spelen als het buiten niet kon. Ik deed daar elastiektwist met behulp van een paar keukenstoelen, de muur van het trapgat gebruikte ik om tegen te ‘ballen’. Soms met 5 ballen tegelijk en dan steeds de trap op en af als er een paar naar beneden stuiterden. En knikkeren op de vloer ging ook, Ik vermaakte me daar prima! Het is mede daarom dat ik niet veel ruimte nodig heb om me te redden, ik bedenk meestal wel iets.

 

Die behoefte naar creativiteit is altijd gebleven, maar ik ondervind wel dat het kiezen inmiddels lastiger is geworden. Toch heb ik daar ook een oplossing voor. Gewoon even niet kiezen, maar even alles loslaten en lezen! Ik heb juist een heel dik boek uitgelezen, een trilogie van maar liefst 1309 bladzijden en daar was ik wel even zoet mee. Tussendoor moest ik wel de meest noodzakelijke klusjes doen natuurlijk, want zo’n boek lees ik niet in een paar dagen uit.

 

En soms komt er gewoon iets aanwaaien, deze keer was het de wind die om het huis blies. Zo ontstond er spontaan een Haiku vanuit een herinnering:

straffe wind – een blikje rolt ratelend – voorbij  

Twaalf lettergrepen telt deze en dat mag. De klassieke vorm telt er zeventien.

 

Lezen is dus geen vlucht voor mij, maar een reis die me onder andere leidt naar een fijne uitlaatklep zoals het schrijven van dit stukje. 

 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail
 
What do you want to do ?
New mail

Ik heb nooit van achtbanen gehouden, maar het lijkt wel of ik er nu regelmatig inzit. Die dingen gaan me veel te snel, ik kan zoiets niet bevatten. Het begon bij mij echt niet te kriebelen van plezier toen mijn moeder en ik die ene keer in de Efteling in het karretje van de Vogelrock gekropen waren. In het karretje achter ons zaten mijn dochter en haar vriendin.

 

Voordat de rockende vogel in beweging kwam stapte er een jongeman op ons af met de vraag of er niemand zwanger was of hartproblemen had. Tja, en toen zaten we al in de beugel. We hadden ons laten overhalen door de jongedames, want een tante van de vriendin had hier ook eens ingezeten en die hield er ook niet van, zei ze heel overtuigend. Deze was helemaal niet eng! Toen het spul in beweging kwam dacht ik  dat het inderdaad mee zou vallen, totdat we ineens naar beneden doken en ook nog eens het duister in. Duister was het sowieso voor mij, want ik heb de hele rit met mijn ogen stijf dicht gezeten en tegelijkertijd mijn longen uit mijn lijf gegild. Wat een ellende, dat was dus echt eens maar nooit weer. Mijn moeder had haar ogen ook dicht tijdens de rit, maar was juist angstvallig stil. Daar waren de dames dan achteraf wel even bezorgd over, maar gelukkig konden we na afloop weer op eigen benen verder, en werd ons door de meisjes meegedeeld dat zij onderweg ook leuke effecten gezien hadden en dat wij die dus hadden gemist.   

 

In die achtbaan dus nooit weer zoals ik al aangaf, maar wel in een andere. Een figuurlijke deze keer. En ja, daar word ik soms ook letterlijk duizelig van. Ik ga er echter nog net niet van gillen, maar soms scheelt dit niet veel. Soms klim ik hoog en dan weer laag, en dan ineens in een bocht die ik niet zag aankomen. Soms leuk, soms angstig en onvoorspelbaar. Kortom er gebeurt best heel veel. Zo’n raar jaar ook met al die Corona toestanden. De eerste golf zijn we gelukkig goed doorgekomen, maar de tweede bracht mijn schoonvader die bijna 89 jaar is, in het ziekenhuis, ook zo’n nare beweging. Gelukkig heeft hij deze periode redelijk goed doorstaan, want hij mag het ziekenhuis weer verlaten en dan met zijn vrouw (die ook positief getest was) nog een aantal dagen in quarantaine doorbrengen in hun eigen kamer van het rusthuis waar zij sinds een jaar wonen.  

 

Mooie hoogtepunten in deze rollercoaster waren de geboortes van onze twee achterkleinkinderen, een dochter bij mijn oudste kleindochter in mei en een dochter bij mijn tweede kleindochter in oktober. De prille gezinnetjes spontaan een bezoekje brengen is vanwege de verstrengde Lock down nu niet zo eenvoudig, maar hopelijk kan het binnenkort weer. Ik kijk er echt naar uit.   

 

En nu klimt het ‘karretje’ nog eens omhoog, want mijn dochter en haar man verwachten hun eerste kindje in de maand april van 2021. Misschien dat ik ergens onderweg alsnog eventjes ga gillen, maar wel (of ook) met een open blik om goed te kunnen genieten van dit mooie vooruitzicht.   

Het bleef lang in mijn gedachten, deze gebeurtenis van ons uitstapje naar de Ardennen in de eerste week van november. 

Het was op een zonnige vrijdag met een aangename temperatuur. We vertrokken  richting Huy in de provincie Luik, op zoek naar oude historische plaatsjes in een mooi stuk natuurgebied.  

In de omgeving van de plaats Tavier besloten we een wandeling te gaan maken. Het eerste dat me daar opviel was een grote watermolen die zo te zien al behoorlijk lang stil stond. Ooit zal daar veel water gestroomd hebben, maar nu was er alleen een smalle waterstroom te zien die afkomstig was van een hogerop gelegen (vis)vijver. Een paal met daarop een gele pijl voor een wandelroute wees richting het bos, maar achter het huis bij de vijver bleek het pad geblokkeerd te zijn met stukken hout en wat gaas. We besloten terug te keren en een andere plek te zoeken.

 

Even later kwamen we uit in een mooi plaatsje met de naam Xhos, niet ver van de plaats Tavier. We passeerden een mooi kasteel en besloten daar wat rond te gaan stappen. Het kasteel lag lager en wat verder van de weg af, en werd omsloten door diverse bomen. Langs de weg passeerden we een grote hof, plus enkele lage kassen en een nieuwsgierige zwarte ram, en even verderop een blaffende hond die vastlag bij de ingang van een erf.    

We liepen een kort straatje in dat naar een prachtig kerkje leidde. Het hek bij de ingang kon open en naast het mooie kerkje lag een begraafplaats waar veel kleurige chrysanten stonden vanwege Allerheiligen een paar dagen geleden. Vanachter deze plek had ik al een beter zicht op het kasteel, maar de graven die er stonden waren nogal hoog en dat belemmerde net het uitzicht.

Toen zagen we aan de achterkant van de kerk een zwart hekje dat gewoon en gemakkelijk open ging. Hoe simpel….dacht ik nog. Enkele stappen verder zag ik een pracht van een kastanjeboom die volgens mij al meer dan 100 jaar oud moest zijn. Ik liep nog iets verder en zag beneden mij het kasteel al iets beter in zicht komen.

Maar terwijl ik nog rondkeek, werd ik ook bekeken. M. had het al gezien. Een vrouw van middelbare leeftijd stond mij vanaf het lager gelegen pad - een beetje verscholen tussen het gebladerte - argwanend op te nemen. “Ik denk dat het toch privé is.” zei M. die nog wijselijk bij het hekje stond. Ik deed of ik haar niet zag, maakte quasi geïnteresseerd nog even een foto van de boom en liep toen rustig terug naar het hek, maar toen ik even achterom keek zag ik haar met snelle stappen op ons afkomen.

 

Ik weet niet of het de gravin zelf was, maar de daaropvolgende woede-uitbarsting had niets hoffelijks. Gelukkig was het nog wel op gepaste afstand, maar inmiddels begrepen we wel dat we ons heel even op privéterrein hadden begeven en met een ‘merci madame’ vertrokken we weer in de richting waar we vandaan kwamen. Vanaf de weg zag ik haar bezig in de eerder genoemde grote hof. Ze rechtte haar rug toen ze mij ook weer opmerkte en even was er oogcontact.  

 

Ik kon me toen bijna niet beheersen om haar toe of uit te zwaaien. 

 

 

 

De grote kamer in het ziekenhuis had twee bedden die tegenover elkaar stonden. In het midden was aan het plafond een rail bevestigd met daaraan een gordijn die over de gehele breedte van de kamer dichtgeschoven kon worden. Zo leek het net of je in een ruime éénpersoonskamer lag.

 

Vanaf de spoed werd ik hier naar toegebracht, nadat ik eerst negatief getest was op corona. Het was al avond en ik moest nog 24 uur blijven omdat ik gemonitord werd. Ik kon wel vrij in- en uit mijn bed, want het betreffende kastje met de daaraan bevestigde benodigheden voor dit doel, hing om mijn nek. Zo kon de verpleging alles goed opvolgen en was de ergste schrik gelukkig al voorbij. Eerder die dag sloeg mijn hart ineens op hol met daarbij een pittige hoge bloeddruk, ondanks de medicatie die ik al jaren slik. De lichamelijke elektriciteit – bleek later – die voor de juiste geleiding moet zorgen, was verstoord. Het kwam pas weer in het juiste ritme toen ik een kalmeringsmiddel had geslikt. Dat gaf overigens een zalig gevoel, ik heb me tijden niet zo ontspannen gevoeld.

 

Het scheidingsgordijn was dicht toen ik op de kamer arriveerde. Ik had nog geen idee wie zich daar achter bevond, maar er kwam een luid gesnurk vandaan. Ik had dus al een vermoeden dat ik die nacht niet zo goed zou kunnen slapen, maar met zo’n kastje is het sowieso niet zo behaaglijk om te liggen, of vaak om te draaien.

De volgende ochtend kwam ik tot de ontdekking dat het om een oudere dame ging. Zij had iets aan haar voet en ik hoorde haar pijn toen de verpleging met haar bezig was. Het ging om Marja, de verpleging noemde steeds haar naam om haar gerust te stellen. Later op de dag werd ze in de gemakkelijke stoel voor het raam gezet en vroeg de verpleging of ik er bezwaar tegen had om het tussengordijn open te laten. Natuurlijk had ik geen bezwaar, en zo leerde ik Marja beter kennen.

 

Het bleek dat Marja al behoorlijk op leeftijd was en ook heel vriendelijk. Toch kwam ik er al snel achter dat zij een vorm van dementie had, al kon ze heel goed antwoord geven op bepaalde vragen. Ze bleef mij steeds mevrouw noemen. De andere ochtend toen het gordijn weer gesloten was riep ze om de zuster en daar ging ze lang mee door. Ze snapte maar niet hoe ze op de knop moest drukken, ondanks dat ik haar dit steeds liet zien. Daarna riep ze in plaats van de zuster ook wel mevrouw, mevrouw!  Het deed me op bepaalde momenten aan mijn moeder denken, die soms ook een beetje in de war was. Er werd een gevoelige snaar geraakt toen ik de daarop volgende dag naar huis mocht en afscheid van haar nam. Ze moest huilen toen ik vertrok. Ik heb haar even over haar wang gestreeld en gezwaaid bij de deur.

Het was mede door die lieve en tevens kwetsbare blik in haar ogen, dat ik even in mijn eentje op de gang de kluts kwijt, en de draad weer op moest pakken.

Nieuwe reacties

29.03 | 14:58

Ik ben een grote fan van haar schrijfstijl Wilma, maar lees tussendoor ook het werk van andere auteurs, er valt nog veel te ontdekken. Dank voor je reactie!

...
27.03 | 11:29

Deze schrijfster en haar boeken ken ik niet. Ik ga het op het lijstje noteren waar al heel wat boeken en schrijvers opstaan.

...
27.03 | 11:06

Ja he Ellie, te klein is ook niet fijn, maar soms is de grootte wel goed, maar de vorm (voor mij althans) niet goed leesbaar. Dank je wel voor je reactie!

...
27.03 | 11:03

Ik lees ze graag Map, kan ze jou van harte aanbevelen. Dank voor je reactie, blij mee.

...